Programma: 5. WMO, Jeugdzorg en Participatiewet | |||||||
Bedragen x € 1.000,- | 2026 | 2027 | 2028 | 2029 | |||
|---|---|---|---|---|---|---|---|
Mutaties per taakveld | |||||||
6.1 Samenkracht en burgerparticipatie | -317 | 25 | |||||
6.21 Toegang en eerstelijnsvoorziening WMO | |||||||
6.22 Toegang en eerstelijnsvoorziening Jeugd | |||||||
6.23 Toegang en eerstelijnsvoorziening Integraal | -20 | -20 | -20 | -20 | |||
6.3 Inkomensregelingen | -13 | 16 | 16 | 16 | |||
6.4 WSW en beschut werk | 89 | ||||||
6.5 Arbeidsparticipatie | 46 | ||||||
6.6 Maatwerkvoorziening (WMO) | |||||||
6.711 Huishoudelijke hulp (WMO) | -115 | ||||||
6.712 Begeleiding (WMO) | |||||||
6.713 Dagbesteding (WMO) | |||||||
6.714 Overige maatwerkarrangementen (WMO) | |||||||
6.751 Jeugdhulp ambulant Lokaal | |||||||
6.752 Jeugdhulp ambulant Regionaal | -300 | ||||||
6.753 Jeugdhulp ambulant Landelijk | |||||||
6.761 Jeugdhulp met verblijf lokaal | |||||||
6.762 Jeugdhulp met verblijf regionaal | -278 | ||||||
6.763 Jeugdhulp met verblijf landelijk | |||||||
6.791 PGB WMO | |||||||
6.792 PGB Jeugd | |||||||
6.811 Beschermd wonen (WMO) | 520 | 520 | 520 | 520 | |||
6.812 Maatschappelijke- en vrouwenopvang (WMO) | -520 | -520 | -520 | -520 | |||
6.821 Jeugdbescherming | |||||||
6.822 Jeugdreclassering | |||||||
6.91 Coordinatie en beleid WMO | |||||||
6.92 Coordinatie en beleid Jeugd | |||||||
7.1 Volksgezondheid | -15 | -15 | -15 | -15 | |||
Totaal mutaties per programma | -923 | 6 | -19 | -19 | |||
Analyse van het verschil tussen begroting na wijziging en rekening |
|---|
Taakvelden Jeugdbudgetten (incidenteel voordeel € 578.000 in 2026)
Ambulante jeugdhulp (incidenteel voordeel € 600.000 in 2026)
We geven in 2026 naar verwachting € 600.000 minder uit aan jeugdhulp. Dit is een incidenteel voordeel. Dat zeggen we op basis van de huidige prognose.
Dit heeft 3 oorzaken:
1. Een klein aantal kinderen en jongeren is uit de jeugdhulp gegaan. Zij kregen relatief dure hulp met verblijf. Het zijn er maar enkele, maar de kosten van deze hulp zijn hoog. Daarom is het financiële effect groot. De daadwerkelijke uitstroom was gezien de duur en complexiteit van de voorafgaande hulptrajecten vooraf moeilijk te voorspellen.
2. In 2026 gebruiken minder kinderen en jongeren ambulante GGZ-producten (psychische hulp zonder verblijf). Ook was bij een aantal complexe en dure casussen minder extra ondersteuning nodig dan verwacht.
3. Het lokale team heeft wachtlijsten. Hierdoor kan een deel van de hulpvragen nog niet worden opgepakt en leidt deze zorgvraag op dit moment nog niet tot uitgaven. We verwachten niet dat we de wachtlijsten in 2026 volledig wegwerken.
We werken op dit moment aan het terugdringen van de wachtlijsten. Daarbij is voldoende capaciteit van het lokale team een belangrijk aandachtspunt in de ontwikkeling naar een stevig en toekomstbestendig lokaal team. Dit is nodig om de zorgvragen in onze groeiende gemeente goed op te kunnen vangen. Pakken we meer openstaande hulpvragen op, dan nemen de uitgaven naar verwachting weer toe.
Volgens de afspraken over realistisch begroten hebben we de raming voor jeugdhulp structureel verhoogd en geld aan het jeugdbudget toegevoegd. Dat staat in de eerste bestuursrapportage van 2026.
De uitgaven voor jeugdhulp schommelen van jaar tot jaar sterk. Dat komt onder meer door kinderen en jongeren met een relatief dure zorgvraag die instromen of uitstromen. Daarom zien we nu geen reden om de lagere uitgaven als structureel te zien. Wij stellen voor het voordeel van € 600.000 als incidenteel te bestempelen.
De overige kleine verschillen in het jeugdbudget zijn samen een incidenteel nadeel van € 22.000 in 2027. Deze verschillen hebben geen toelichting nodig.
Taakvelden WMO budgetten (incidenteel voordeel € 115.000)
Beschermd Wonen en Maatschappelijke opvang (budgettair neutraal meerjarig)
Wij ontvangen vanaf 2027 vanuit de regio minder geld voor Beschermd Wonen en Maatschappelijke Opvang dan begroot. Dat blijkt uit de vastgestelde regiobegroting BW/MO 2027. Het budget Beschermd Wonen wordt budgetneutraal bijgesteld. Daardoor houden wij minder geld over voor beleid in de subregio en in onze eigen gemeente.
Huishoudelijke hulp en eigenbijdrage CAK (incidenteel voordeel € 115.000)
Nieuwe indicaties voor Huishoudelijke Ondersteuning komen minder snel binnen. Na een periode van sterke groei stabiliseert de instroom. Daardoor verwachten we in 2026 een voordeel van € 95.000. Ook ontvangen we circa € 20.000 meer aan eigen bijdragen voor Wmo-voorzieningen dan begroot.
Landelijke ontwikkelingen rond de eigen bijdrage spelen mee. Het kabinet wil ook de Wmo hervormen. Daarom beschouwen we beide voordelen als incidenteel. Wat dit financieel betekent voor gemeenten, is nog onvoldoende duidelijk.
Taakvelden Participatie budgetten (structureel nadeel € 122.000 in 2026, vanaf 2027 € 16.000)
Meicirculaire 2026 (incidenteel nadeel € 180.000 in 2026)
We verwerken de middelen uit de Meicirculaire 2026 voor 2026. Het gaat om:
- Alleenverdienersproblematiek: € 54.000
- IBO problematische schulden: € 17.000
- Re-integratieverlening aan jongeren: € 12.000
- Bijstelling van de Integratie-uitkering Participatie: € 97.000
Lees dit nadeel samen met het voordeel onder programma Algemene Dekkingsmiddelen, taakveld 0.7 Algemene Uitkering.
Septembercirculaire 2026 (structureel nadeel € 26.000 in 2026, vanaf 2027 € 16.000)
Het nadeel is € 26.000 in 2026 en vanaf 2027 € 16.000. We verwerken de middelen voor de uitvoeringskosten van inburgering voor 2026 (€ 26.000). Vanaf 2027 is er structureel € 16.000 beschikbaar voor IBO problematische schulden.
Lees dit nadeel samen met het voordeel onder programma Algemene Dekkingsmiddelen, taakveld 0.7 Algemene Uitkering.
Bijzonder bijstand (incidenteel voordeel € 42.000 in 2026)
Kindpakket (incidenteel voordee l € 2 7.000)
We houden in 2026 € 27.000 over op het kindpakket. Dit is een incidenteel voordeel. Dat heeft 2 oorzaken:
1 Stichting Stop Kinderarmoede is in 2026 gestopt. Daarom verstrekken we geen kleding- en verjaardagspakketten meer. We zoeken een alternatief voor de kledingpakketten.
2 Ook hebben we de subsidie aan Stichting Leergeld Westbetuwe voor 2026 al in 2025 als kosten geboekt.
Zo zit het kindpakket in elkaar. De gemeente ontvangt sinds 2017 een bijdrage voor de bestrijding van kinderarmoede. Dit zijn de Klijnsmamiddelen. De bijdrage is niet aan een bepaald doel gebonden. Vanaf de start van het kindpakket vulde de raad deze middelen aan met gemeentelijk geld. Daarmee betalen we voorzieningen via het Jeugdfonds Sport & Cultuur Gelderland en Stichting Leergeld Westbetuwe.
Leenbijstand (budgettair neutraal € 55.000 in 2026, € 35.000 vanaf 2027)
We verhogen het budget voor leenbijstand in 2026 met € 55.000 en vanaf 2027 met € 35.000. Dat is budgettair neutraal. Hogere terugvorderingen compenseren de hogere uitgaven volledig.
In de begroting staat € 25.000 voor leenbijstand. Naar verwachting hebben we in 2026 € 80.000 nodig.
We geven leenbijstand vooral aan statushouders (mensen met een verblijfsvergunning). Zij gebruiken het als inrichtingskrediet, een lening voor het inrichten van hun woning. Het aantal en de hoogte van de leningen hangen af van het aantal gehuisveste statushouders. Ook de grootte van hun huishouden speelt mee.
Het Rijk kan de landelijke regels voor gezinshereniging aanscherpen. Dan krijgen we mogelijk minder aanvragen en lagere leningen. De echte gevolgen zijn nu moeilijk te voorspellen.
Statushouders betalen het inrichtingskrediet in 36 maanden renteloos terug. Wij houden daarvoor 5% van de uitkering in. Blijft er daarna schuld over, dan zetten we die om in bijzondere bijstand om niet. Zij hoeven die schuld dan niet meer terug te betalen.
Subsidie (voordeel € 15.000)
In 2026 houden we € 15.000 over, omdat we de subsidieregeling niet gebruiken. Dit is een incidenteel voordeel.
In de begroting staat € 25.000 voor organisaties in de regio zonder winstoogmerk. Zij krijgen jaarlijks subsidie. Daarmee ondersteunen ze onze inwoners met een laag inkomen en bestrijden ze armoede. De afgelopen jaren gebruikten we steeds maar een deel van dit budget. Bij de ombuigingen (bezuinigingen) voor de begroting 2027 hebben we het budget structureel met € 15.000 verlaagd.
Schuldhulpverlening (incidenteel voordeel € 42.000 in 2026)
Hersteloperatie toeslagen (incidenteel voordeel € 12.000 in 2026)
We verwachten in 2026 een incidenteel voordeel van € 12.000 op de hersteloperatie toeslagen. Deze operatie helpt ouders en kinderen die getroffen zijn door de kinderopvangtoeslagaffaire. Zij krijgen hulp bij een nieuwe start. Het Rijk geeft gemeenten hiervoor geld. Dat is bedoeld voor brede ondersteuning van de doelgroep en voor de uitvoeringskosten.
Voor de brede ondersteuning hebben we in 2026 circa € 8.000 nodig. Het Rijk vergoedt dit volledig. Daarom is deze afwijking budgettair neutraal.
Voor de uitvoering staat al geld in de begroting 2026. Het gaat om de uren van medewerkers. De vergoeding die we hiervoor krijgen, is daarom een voordeel. De regeling van het Rijk is tijdelijk. Daarom ramen we de vergoeding als incidenteel.
De definitieve hoogte volgt uit de Sisa-verantwoording. Op basis van voorgaande jaren verwachten we in 2026 toch een vergoeding van ongeveer € 12.000.
Vroegsignalering van schuldenproblematiek (incidenteel voordeel € 30.000 in 2026)
Het Rijk heeft structurele middelen gegeven voor betere dienstverlening bij armoede en schulden. In 2026 komen daar incidentele middelen bij om vroegsignalering te versterken. We hoeven geen van beide budgetten terug te betalen.
We hebben in 2026 niet alle middelen ingezet. Sinds 1 januari 2026 voeren we de schuldhulpverlening zelf uit. Daarom richtten we ons op het inrichten, invoeren en vastleggen van die werkwijze. We hebben vooral processen, werkwijzen en registraties op orde gebracht. Inwoners merkten daar niets van. Ondersteuning bij schulden bleef volledig beschikbaar.
We maken de schuldhulpverlening de komende periode beter zichtbaar en toegankelijk. Dat blijft een aandachtspunt.
Taakvelden Overige SD (structureel voordeel € 352.000 in 2026, € 10.000 in 2027, vanaf 2028 € 35.000)
Brede SPUK (Gala gelden) (budgettair neutraal)
De toekenning van de GALA-middelen voor 2026 is € 32.000 hoger dan in de begroting 2026. We passen de lasten en baten aan volgens de Beschikking Brede SPUK GALA. Dit is een budgetneutrale verwerking in deze bestuursrapportage. Het gaat om € 47.000 binnen programma 5 en - € 15.000 binnen programma 6.
Septembercirculaire 2026 (incidenteel nadeel € 33.000 in 2026)
We verwerken de middelen voor de spreidingswet voor 2026 (€ 33.000). Lees dit nadeel samen met het voordeel onder programma Algemene Dekkingsmiddelen, taakveld 0.7 Algemene Uitkering.
Opvang van Oekraïense ontheemden GGO en POO (incidenteel voordeel € 350.000 in 2026)
Dit geeft in 2026 een incidenteel voordeel van € 350.000. Dat versterkt onze financiële positie. We verwachten € 350.000 minder uit te geven dan gedacht.
Voor de opvang krijgt de gemeente van het Rijk een vaste vergoeding per gerealiseerde opvangplek (GOO). Daar staan vooral kosten voor huisvesting, beveiliging en personeel tegenover. De vergoeding van het Rijk is hoger dan onze kosten. Zo ontstaat een positief saldo.
Ook zijn de huurkosten lager dan vorig jaar. In een van de huurcontracten loopt de huurprijs elk jaar af. We hoeven deze lasten niet terug te betalen.
Daarnaast stellen we de leefgelden en uitvoeringskosten (POO) met € 40.000 naar beneden bij. Het Rijk draagt ook € 40.000 minder bij. Dit is dus een budgetneutrale aanpassing.
Kinderopvang (incidenteel nadeel € 25.000 in 2026)
We verwachten in 2026 een incidenteel nadeel van € 25.000. Het jaar is nog niet voorbij. De kosten voor sociaal medische indicaties kinderopvang zijn nu al € 20.280 hoger dan begroot.
Sinds 2026 staat het budget voor Sociaal Medische Indicatie en kinderopvang (SMI) onder één nummer in de boekhouding. Daardoor zien we de kosten beter.
Tussen 2018 en 2023 kregen we gemiddeld 2 aanvragen per jaar. Daarna steeg het aantal van 6 in 2024 naar 13 in 2025. In 2026 ontvingen we al 6 aanvragen. Sommige gelden voor meerdere kinderen in een gezin.
De hoogte van de subsidie hangt af van 3 dingen: het inkomen van de ouders, het uurtarief van de opvang en het aantal uren opvang. We weten niet vooraf hoeveel aanvragen er komen. Daarom kunnen we niet voorzien of de kosten structureel stijgen. We volgen de aantallen en uitgaven goed.
Budget welzijn Jeugd (voordeel € 25.000 in 2026, nadeel € 25.000 in 2027)
Wij gebruikten in 2026 € 25.000 minder dan gepland voor het voorkomen van jeugdoverlast. Dat geld schuiven we door naar 2027. Zo houden we meer jongerenwerk mogelijk.
In 2026 hadden we € 100.000 beschikbaar voor het voorkomen van jeugdoverlast. In 2025 en 2024 was dat bedrag even hoog. Het geld is voor 1 jaar bedoeld en niet vast. We kozen er dit jaar bewust voor om vooral het jongerenwerk op orde te brengen. Daarom startten we geen extra projecten. Zo houden we € 25.000 over.
Vanaf 2027 krijgen we dit incidentele geld niet meer. Daardoor hebben we minder mensen en uren voor jongerenwerk. De resultaten laten zien dat het werk helpt. Jongerenwerkers op straat en op scholen zien overlast eerder, voorkomen het en verminderen het.
Wij stellen daarom voor om de € 25.000 van 2026 in 2027 te gebruiken. Zo vangen we een deel van het wegvallende geld op. We kunnen succesvolle onderdelen van het jongerenwerk dan langer voortzetten. Het voordeel in 2026 en het nadeel in 2027 vallen tegen elkaar weg.
Dit hangt samen met een ander onderdeel van de begroting: de mutaties in de algemene reserve (het spaargeld van de gemeente). Daar staat het omgekeerde bedrag. Per saldo verandert er in deze rapportage dus niets aan het totaal.
Cliëntondersteuning (structureel voordeel € 20.000 vanaf 2026)
Wij geven vanaf 2026 jaarlijks € 20.000 minder uit aan cliëntondersteuning. MEE Plus krijgt de subsidie niet meer. Ook een aantal expertdiensten van MEE Plus kopen we niet meer in.
MEE Plus gaf onafhankelijke cliëntondersteuning. Dat is gratis hulp en advies voor mensen die zorg of ondersteuning nodig hebben. Nu voeren 2 andere organisaties dit uit. Een van die organisaties werkt vanuit een bepaalde levensovertuiging. Dit aanbod is genoeg voor onze inwoners. Daarom hebben wij MEE Plus niet nodig. Wij verlagen het budget structureel met € 20.000.
Vaccinatiebudget (structureel voordeel € 15.000 vanaf 2026)
Wij geven vanaf 2026 jaarlijks € 15.000 minder uit aan vaccinatiecampagnes. We evalueerden dit in 2026 met de GGD (de gemeentelijke gezondheidsdienst). Extra campagnes hebben naar verwachting weinig extra effect.
Een deel van onze inwoners kiest er bewust voor om zich niet te laten vaccineren. Daarom zetten we niet verder in op extra campagnes. Dit past bij het coalitieakkoord. Daarin staat dat de basisinformatie over vaccinatie van de GGD, de consultatiebureaus en de huisartsen genoeg is. Wij verlagen het budget structureel met € 15.000.
